Ingedeeld onder: Australië
Eigenlijk mag ik nog niet te hard roepen, want ik ben nog altijd niet “officieel” afgestudeerd, maar bij deze zitten mijn schoolse journalistieke tijden erop! Vandaag vierde ik mijn laatste dagje stage op de Belgische ambassade in Canberra met applepie en carrotcake, het volgende Australische avontuur wacht me op.
Om even grafisch aan te tonen waar ik en mijn wederhelft de komende maand zullen uithangen kan je kijken op het bijgevoegde kaartje. Zoals al gezegd wordt halte nummer één Sydney. Twee dagen lang speel ik liefdevolle gids in deze mooie stad. De dag erna, donderdag is het dan al, nemen we in de vroegte een binnenvlucht naar Ayers Rock. Daar aangekomen huren we een klein autootje zodat we wanneer we willen, maar natuurlijk vooral bij zonsop- en ondergang, het steentje kunnen gaan bezichtigen. Overnachten doen we er in de jeugdherberg.
Zaterdag hangen we dan weer in de lucht richting Cairns. In deze grote stad in Queensland zullen we waarschijnlijk een dag of vier doorbrengen. Er valt immers héél veel te beleven. Op het programma staan al het “Great Barrier Reef”, de stad zelf natuurlijk en het regenwoud. Overnachten doen we daar de eerste twee nachten in een heuse ‘Girls Hostel’ (whatever that might be…
), waarna we op dag drie onze, nu nog niet maar gauw wel, befaamde “wicked camper” gaan afhalen.
Waarom die camper “wicked” noemt, zal nog wel blijken uit de foto’s die volgen. Maar voor de nieuwsgierigen die al niet meer kunnen wachten, Google staat steeds ter uwer beschikking.
De camper wordt onze thuis de drie weken die daarop volgen. Waar we zullen belanden en wat we gaan uitsteken is nog een vraagteken. Vast staat dat we de camper terug naar zijn baasje moeten brengen twee dagen voor vertrek in Sydney. Naar alle waarschijnlijkheid zullen we niet echt de outback in gaan, de kustroute wordt ons vaste pad. (Al is valt het woord kustroute nog te relativeren, kijk maar eens op de kaart… .)
Als je altijd zou doorrijden dan rijd je van Cairns naar Sydney in vier dagen. Dit om nog maar eens aan te tonen hoe groot de afstanden hier zijn in Australië. Op de kaart lijkt alles dichtbij, in werkelijkheid is een “pink breed” echter zo’n 100 km lang. Kamperen mag je in ieder geval interpreteren in de meest basic zin van het woord. Vergeet de luxueuze Europese campings en denk aan een lapje grond met als je geluk hebt een douche of een toilet. In ruil sta je dan wel geparkeerd in een prachtig stukje natuur van één of ander National Park.
Mijn researchkwaliteiten vierden hier de afgelopen dagen nog hoogtij want een beetje te laat, maar toch nog op tijd, ben ik in gang geschoten met het opzoeken naar waar wel en niet te stoppen onderweg. Kwestie van toch niet hélemaal onvoorbereid de aftocht naar het zuiden te beginnen. Ook probeer ik altijd zeer aandachtig te luisteren naar reisverhaaltjes van andere ervaren travellers. Morgen ga ik ons trouwens ook een meer gedetailleerde kaart aanschaffen. Ja, ja, de echte avonturier en kampeerster in mij komt nog naar boven. (En nu vallen er waarschijnlijk een paar mensen achterover …
)
Dit weekend geniet ik echter nog van het laatste beetje Canberra. Morgen (vrijdag) staat er wassen en strijken en kuisen en reis-inkopen doen op het programma. Mocht ik nog een gaatje vinden dan wandel ik ook nog even langs het meer. ’s Avonds zie ik de andere stagiaires nog voor een laatste drankje en babbeltje. Zaterdag is dan weer cultureel getint. Samen met Jan en Philipp zal ik een bezoekje brengen aan het Nationaal Museum, waarna ik eindelijk (hopelijk) veel kangoeroes ga zien op Red Hill. Het is echt schandalig, want het stikt hier van die springende beestjes, en toch slaag ik er altijd in die zwermen te missen. Diegene die ik zie zijn altijd ‘loners’.
Het weekend sluit ik af op het “Old Bus Depot”, een soort van overdekte markt, weer samen met mijn twee topchefs (die gisteren een topmaal bereidden in mijn eigenste keuken waarna een “Little Britain”- marathon van seizoen 3 volgde). Daarna is het echt wel tijd om in te pakken. Flatmate Charlotte komt zondagavond trouwens ook weer thuis. Want jawel, u leest het goed, ik heb weer een weekje alleen gezeten vermits Charlotte onverwacht voor “family-business” naar Perth moest.
Als laatste wil ik toch nog even zeggen dat ik nog altijd heel blij ben met de keuze die ik maakte om de jobonzekere journalistieke richting uit te gaan. Zonder die keuze had ik immers nooit dit avontuur meegemaakt, om dan nog maar te zwijgen over de fantastische mensen die ik leerde kennen en met wie ik me rot amuseerde (én met wie ik van plan ben nog meer mooie tijden te beleven…
). Ook op “schoolvlak” waren er altijd interessante docenten en lessen die me wisten te boeien. Wat wil een student nog meer? De afgelopen drie jaren in Mechelen waren echt geweldig. Ik ben een tevreden mens!




